#tekenopdracht met ict en chat

Afgelopen week stond ik de hele week in een bovenbouwgroep. Normaal ben ik zo’n 50% van de werkweek vrijgeroosterd voor ICT en Wetenschap&Techniek, maar in de week dat groep 8 op kamp gaat, moet ik er aan geloven ;-) ! Ik werk op een Montessorischool, waar onze vijf bovenbouwgroepen allemaal bestaan uit kinderen uit groep 6, groep 7 en groep 8. Groep 8 was dus weg en twee bovenbouwcollegae waren mee als kampleiding. Ik sta dan voor een van hun groepen; de andere groep wordt verdeeld. Ik kreeg er van de verdeelde groep de jongens van groep 7 bij, zodat ik met 27 kinderen, waarvan 17 jongens, een weekje aan de slag mocht.

Ik zat nog te vlassen op een tekenopdracht en op iets ict-erigs, toen zondag een tweet van @warempel (Tessa van Zadelhof) langs vloog:

Er reageerden meerdere mensen, die de tip die week wilden gaan gebruiken. Daaronder @sjaboepaan, die ik nog niet eerder op twitter (of elders) had ontmoet. Tessa stelde ook voor: we kunnen de resultaten wel uitwisselen op een of andere manier…. en …Leuk, dan zet ik ze ook op het blog van de klas…

Het leek me een prima tekenopdracht. Kies een verkeersbord en neem daar een gedeelte uit. Bedenk wat er omheen gebeurt. Ik bedacht dat de kinderen het zouden kunnen uitvoeren door zwart papier op wit papier te plakken. Ik zou de tekeningen dan als pdf scannen (we hebben een kopieermachine die dat direct kan) en moest nog nadenken over hoe ze dan te delen. Op school hebben we de afspraak dat niet elke groep z’n eigen blog of webpagina begint, maar dat er gewerkt wordt op de klassepagina van de school-website. Dat zou een optie zijn.

@sjaboepaan vond dat het leuker was om in sumopaint (www.sumopaint.com) te werken, een oplossing die mij als web2.0-liefhebber wel na aan het hart lag. Maar ik experimenteerde wat en het ging nog niet vloeiend. Hoe kreeg ik zo’n stukje verkeersbord in Sumopaint?

Eerst maar eens een overzicht van alle verkeersborden gezocht en gevonden op http://nl.wikipedia.org/wiki/Verkeersborden_-_Serie_A:_Snelheid. De verkeersborden van alle series in een mappen opgeslagen. Met good old MS Paint kon ik de verkeersborden openen en er stukjes uit selecteren. Het leek me prima om dan ook maar gewoon in Paint te gaan werken.

Maandagmiddag introduceerde ik de les bij de kinderen. We keken naar de froot-site en ik liet ze Paint zien en hoe ze daar een verkeersbord in konden neerzetten, er een stukje uit halen en de rest van de tekening konden maken. Maar ze moesten van mij (lekker ouderwets!) toch eerst met papier en potlood aan de slag. Denk eerst maar eens na over wat je wilt.

In een bovenbouwgroep hebben we de beschikking over vier vaste werkstations, drie draadloze laptops en de bord PC. Daarbij kon ik ook mijn eigen notebook inzetten. En tenslotte kaapte ik de drie notebooks van de groep die verdeeld was en hing ze aan “mijn” accesspoint. Zo had ik in één klap 12 werkplekken. Er moest dus worden samengewerkt. Dat was ook wel nodig, want slechts twee kinderen werkten wel eens met Paint. Sumopaint heb ik ze ook nog laten zien, maar dat was volslagen onbekend. Dinsdag, woensdag en donderdag werd er veel aan de opdracht gewerkt; elke middag wel een uurtje. De kinderen hielpen elkaar voortreffelijk en ik werd bijna niet ingeschakeld om problemen op te lossen.

Inmiddels had @sjaboepaan al een resultaat op een blog gezet: http://tekenenverkeersborden.wordpress.com/

Ook ik startte met het plaatsen van de resultaten op onze klassenpagina van de schoolwebsite: http://www.montessorischool-oegstgeest.nl/Groepen/Bovenbouw/BEMariëtteenLeendertJan.aspx

De resultaten werden al goed bekeken. @lhumme (Linda Humme) kwam met de vraag van welk verkeersbord het product van Julia afgeleid was. Julia was op het lumineuze (maar simpele) idee gekomen om de witte streep van het bord C2 (verboden in te rijden; eenrichtingsverkeer) te gebruiken als min-teken in een som. Het was echter onherkenbaar. Linda stelde (ook even lumineus als simpel) voor om de achtergrond, die babyblauw was, rood te maken. Ik bracht het voorstel over aan Julia en ze ging ermee aan de slag. Beide resultaten staan op de website.

Tot vrijdagochtend werd er aan de tekenopdracht gewerkt. Tussen de middag zette ik de laatste vijf op de website.

@sjaboepaan had eerder in de week al voorgesteld om de twee groepen met elkaar te laten chatten en een box aangemaakt op www.todaysmeet.com Het leek me een interessant idee; ik had er geen ervaring mee, maar het leek me goed die maar eens op te doen.

Ook tussen de middag met de hulp van wat kinderen zeven notebooks opgesteld. Ze moesten er dus in groepjes van vier achter. Een kwartier voor aanvang van de chat was de pauze afgelopen. De kinderen kwamen snel binnen en zaten al gauw achter een notebook. We bespraken wat regels van het chatten: vooral ook goed lezen, reageren wanneer je iets gevraagd wordt, vriendelijk blijven en vooral opbouwende kritiek leveren. Daar zat ik eigenlijk niet over in. Bij een presentatie zeggen ze ook altijd: “Ik vond het een goede presentatie, maar….”.

Na een kwartiertje begon de chat. Tijdens de chat leek het soms nergens over te gaan, of juist over onderwerpen waar we het niet over moesten hebben. Later de chat nog eens teruggelezen en dan blijkt dat een aantal kinderen toch wel probeert met elkaar in gesprek te gaan. Daar lopen dan andere gesprekken doorheen en natuurlijk laait – naar aanleiding van één van de tekeningen- de voetbalstrijd op. Ook zit één van “mijn” kinderen er steeds onzin tussendoor te zetten. Maar toch: het wordt geprobeerd en hier en daar zie je duidelijk actie en reactie. Verder was het moeilijk om tegelijktertijd ook nog de twee pagina’s met tekeningen te raadplegen. Na een half uur chatten hebben we vriendelijk afscheid genomen.

Kortom: het verkeersbordentekenproject is meer dan geslaagd. Iedereen heeft met Paint gewerkt, mogelijkheden ontdekt, samengewerkt. Voor wat betreft de chat: voor een eerste keer viel het niet tegen. Dat is ook zeker voor herhaling vatbaar, maar het heeft nog wel wat (fine)tuning nodig.

Met dank aan @sjaboepaan voor de prettige samenwerking.

HDD crash

Als ICT-coördinator op een middelgrote basisschool vertel ik natuurlijk al mijn collegae dat ook het leven van een harde schijf niet eindig is en dat het dus verstandig is om regelmatig een back-up te maken. Natuurlijk, in de schoolserver zitten twee harde schijven en het systeem maakt elke nacht een back-up op een nas. We hebben twee nassen, die iedere week omgewisseld worden: eentje staat in de serverruimte en eentje bewaar ik thuis. Zo zijn er dus alleen op de wisseldag twee nassen in school! Ik moet me dan ook realiseren bij eventuele ontruimingen op zo’n wisseldag de nas die naast m’n bureau staat mee naar buiten te nemen! Maar goed, met name in de periode dat mijn collegae druk bezig zijn met het schrijven van de verslagen, is het gevaar het grootst. Men werkt dan vaak op een PC thuis en parkeert de verslagen, totdat ze klaar zijn, daar lokaal op de harde schijf. Ook worden verslagen soms alleen op een usb-stick gezet -handig wanneer je er zowel thuis als op school aan wilt werken-, die ook nog eens kwijt kan raken! Wanneer ik collegae voorstel om verslagen thuis op harde schijf én op usb-stick te zetten, wordt het voor velen al erg ingewikkeld. Daar komt nog bij dat je dan je versiebeheer goed in de gaten moet houden. Ik stel altijd voor om te werken vanaf de usb-stick en dan aan het einde van de avond  even alles naar de harde schijf te kopiëren. Werken met Dropbox (www.dropbox.com) of eBackpack (www.ebackpack.com) zou natuurlijk ideaal zijn -ik denk niet dat je een usb-stick in de cloud snel kwijt zult raken, hoewel accountgegevens kwijtraken ook nog wel eens voorkomt-, maar dat vinden veel mensen óf ingewikkeld óf eng. Alsof iedereen in het heelal -maar vooral kinderen en ouders- dan direct alle verslagen zou kunnen lezen en kunnen wijzigen!

 

 

Maar ik dwaal af: de titel van dit blog is “HDD crash”.

Hoewel ik er dus altijd bij iedereen op aandring om te zorgen voor het maken van een goede back-up, is het er bij mijzelf nooit van gekomen! Ja, in de tijd dat ik ook verslagen schreef zorgde ik er wel voor dat dat in orde was, maar iets structureels opzetten, nee, dat moest ik ooit nog een keer doen. (Ooit vertelde de echtgenote van een hardwerkende elektricien mij dat ze thuis al een jaar aan het zeuren was om haar man een lampje op te laten hangen…..)

En toen gebeurde het! Mijn HDD crashte. Hoe kwam dat? (Weer lekker even afdwalen!) We hadden twee weken op school besteed aan het project “Kunstbende”. In elke groep was gewerkt aan een kunstenaar: er was geschilderd, gekleid, gefiguurzaagd en wat al niet meer. Twee collegae hadden in alle midden- en bovenbouwgroepen een les kunstgeschiedenis en een les kunstbeschouwing gegeven. Mij was gevraagd alles op video vast te leggen, zodat tijdens de grote afsluitende tentoonstelling alle ouders zouden kunnen zien hoe alle kunstwerken tot stand waren gekomen. Elke dag sneakte ik met mijn KODAK Zi8 door school. Veel shots van 10 seconden, een enkele keer langer, tot aan een minuut maximaal. Het moest wel flitsend worden!

Het weekeinde voordat het “woensdagmiddagmuseum” zijn poorten eenmalig zou openen, ging ik aan de slag met de montage. Dat klinkt heel wat, maar omdat ik zeer selectief opneem, kon bijna alles zo achter elkaar worden gezet. Na wat vingeroefeningen lukte het uiteindelijk prima. Gewoon met WINDOWS MovieMaker Live en zonder alles te hoeven converteren! Alleen duurde het renderen erg lang. (De uiteindelijke film zou 45 minuten worden!) Uiteindelijk besloot ik maandagavond maar het notebook aan te laten staan in de hoop dat de klus dinsdagochtend geklaard zou zijn. Niets was echter minder waar, zodat het notebook ook dinsdag overdag thuis bleef om door te werken. Ik had me om de een of andere duistere reden ook voorgenomen dat het regelen van een structurele back-up de volgende klus zou worden! Ook dinsdagavond laat was de film nog niet gereed, dus moest mijn laptop nogmaals nachtelijke overuren draaien. Maar woensdagochtend nog niet klaar: nog een uurtje te gaan. Omdat ik op woensdag in een groep sta, kon ik ook niet even thuis een uurtje wachten. Daarom de volgende oplossing bedacht: mijn vrouw zou met de auto naar haar werk gaan en mij meenemen naar school, terwijl ik de laptop, al renderend, in mijn handen hield. En straks niet allemaal met opgeheven vinger reageren “Wist je dan niet…….?”; nee, ik wist het niet (anders had ik het niet gedaan) en/of ik wist het wel, maar dacht dat het wel mee zou vallen en/of had op dat moment geen betere oplossing. Het ging ook prima, totdat ik de laptop in mijn lokaal op een kast neerzette. PATS! UIT! En hij wilde ook niet meer aan. Ik had al snel een donkerbruin vermoeden en verwisselde met een identiek notebook de harde schijf (“Gaan jullie maar even stillezen; ik ben even hiermee bezig….”. Zes nieuwsgierig paar ogen over mijn twee schouders meekijkend; bemoedigend commentaar). Conclusie: harde schijf overleden. Ik kwam er -met hulp van internet-  ook snel achter dat het een mechanisch probleem was (de lagers kunnen niet zo goed tegen veel overwerk) en deed vervolgens alles dat verboden was: schudden, zacht tikken, harder tikken, maar steeds zonder het gewenste resultaat. Ik dacht echt alleen maar aan de film; pas later kwam het besef dat er heel wat op de harde schijf stond dat ik niet ook elders had opgeslagen. Rond het middaguur had ik de film al opgegeven, dus ‘s middags verdiepte ik me in HD-recovery. Er zijn bedrijven waarin mannen in witte pakken in een stofvrije ruimte zo’n harddisk uiteen halen en proberen de data te redden. Kosten: zo’n € 1.000 en garantie op resultaat: nul! Ik heb er nog een nachtje of twee over geslapen en maar besloten die optie maar te laten varen.

Gelukkig staan al mijn foto’s op externe harddisk én op CD-ROM of DVD en mijn iTunes-bibliotheek staat ook op een externe harddisk. Voor de rest kon ik nog wel wat zaken terug halen: een beetje stond nog in de webmail, ik mailde anderen, wie ik onlangs nog iets gestuurd had, sommige zaken stonden in de cloud, op een oud notebook of in het netwerk op school. Zo had ik redelijk snel toch weer heel wat verzameld op een externe harde schijf.

Maar mijn laptop, daar kon ik niet zonder. Omdat ik het ding dagelijks op de fiets in een rugzak meeneem, besloot ik dat de nieuwe harde schijf een SDD moest worden. Die zijn toch beter bestand tegen schokken. Ik vond een 180GB uitvoering op internet, die nog net betaalbaar was. En die ik zaterdag al kon ophalen! (http://www.mycom.nl/Product/OCZ-Technology-Vertex-2/OCZ-Vertex-2–180GB–25inch/292040). Dat de schijf kleiner was dan de 500GB die er uit kwam vond ik niet zo bezwaarlijk. Met name het werken op het netwerk doet geen grote aanslag op de harde schijf ruimte en grote bestanden zoals  foto’s en muziek staan toch extern.

De schijf zat er snel in en werd herkend door de bios! Maar toen…. Mijn notebook was dual-booted uitgevoerd, compleet met een U:-schijf, die zowel vanuit het netwerk als bij stand-alone werken te benaderen was. Onze netwerkbeheerder zou natuurlijk gaarne bereid zijn een netwerkspecialist (Wijze uit het Oosten) te sturen om op basis van nacalculatie het notebook in te richten. Mijn calculatie was dat mijn directeur daar niet vrolijk van zou worden. Vandaar dat ik zelf aan de slag toog met een partitiemanager (http://www.partitionwizard.com/), soms thuis en soms op school prutsend. De eerste keer had ik een kleinigheidje over het hoofd gezien en kon ik opnieuw beginnen, maar de tweede poging slaagde! Woensdagmiddag kwam er witte rook uit mijn oren! Ik had m’n notebook terug!

Ik las nog wel dat een SSD-disk ook niet het eindeloze leven heeft. De beperking zit ‘m in het niet eindeloos kunnen schrijven data. dus de tip was om het automatisch defragmenteren uit te zetten. Vanwege de beperkte omvang van de SSD is dat niet zo’n probleem. (Wat nou, beperkte omvang? Mijn eerste PC had een 6GB HDD en moest toch echt regelmatig gedefragmenteerd worden!)

De oude harde schijf staat overigens nu in een Freecom Hard Drive Dock naast m’n laptop. Soms probeer ik even -tegen beter weten in- of ie nog iets wil doen. Het hoeft maar één keer om de bestanden die ik niet terug heb kunnen vinden en toch nog wel wil bewaren op te slaan. Maar er komt alleen een onheilspellend getik uit het ding.

Van mijn meelevende vrouw had ik inmiddels het volgende artikeltje gehad: http://arjanzuidhof.nl/wp/mag-ik-je-harde-schijf-uit-het-raam-gooien/ En daarmee ging ik aan de slag. Dit is wat ik heb gedaan:

  • In WINDOWS7 kun je je back-ups goed instellen. Elke zaterdag om 10.00 uur draait mijn notebook nu automatisch een back-up naar de externe harde schijf. Kwestie van notebook neerzetten, aanzetten en de harde schijf er aan hangen. Mijn iPhone geeft elke zaterdag om 9.00 uur en 9.30 uur een seintje! Het maken van de back-up gaat verder automatisch.
  • Maar als het huis afbrandt ben ik zowel m’n notebook als m’n externe harddisk kwijt. Dus ook een account gemaakt bij KPN een abonnement genomen op back-up online. Ik heb een drie-jaren-abonnement. Kost me per maand zo’n € 6,==. Het eerste half jaar is gratis. Elke avond om 20.00 uur maakt KPN automatisch een back-up. De eerste back-up maken duurde erg lang. Er moest zo’n 50GB naar KPN. Dat nam dagen in beslag. Kijk uit, want mijn oude harde schijf is waarschijnlijk gecrasht omdat hij voor de video-montage dagen achtereen heeft aangestaan! Mijn SSD kon het wel aan. Je kunt instellen dat je de eerste keer niet alles back-upt en daarna gaandeweg meer zaken in de back-up zetten. Bij volgende back-ups worden alleen gewijzigde bestanden geback-upt. De bestelpagina van KPN Back-up online vind je hier: https://swol.kpn.com/oom/?productid=5&datachannel=kpncom#

Heb ik aandelen bij de memoryshop of bij KPN? Nee! (Harde schijven kun je ook elders kopen en er zijn meer aanbieders van back-up online.) Maar ik wil jullie niet dezelfde fout laten maken! Daarom bied ik jullie de oplossingen op een presenteerblaadje! Het is echt een kwestie van eenmalig zaken regelen, bestellen en instellen. Daarna gaat het automatisch!

Mijn collegae heb ik dit verhaal ook verteld. De reacties zijn wisselend. Van “Kun je mij eens uitleggen hoe ik dat in Windows 98 regel?” tot “Ach, maak je niet zo druk; neem het niet zo serieus! Er zijn belangrijker zaken in het leven!”. Dat laatste mag dan zo zijn, maar het ongemak van veel documenten kwijt zijn is toch wel groot.

Bij het schrijven van dit blog heb ik trouwens ontdekt dat ik alle filmopnamen van het project “Kunstbende” wel degelijk op een externe harddisk had gezet! Waarom? Geen idee! Maar in de komende weken zal ik nogmaals proberen de montage te maken.

Mijn harde schijf mag je inmiddels het raam uitgooien. Mijn back-up is inmiddels goed geregeld.

Wat het losmaakt… en de plannen

Wat zo’n vertalinkje los maakt… Ik zal niet zeggen dat het een simpel werkje was en dat het in een avondje gebeurd was, verre van dat. Maar dat de vertaling van een Engelstalig boekje zoveel zou losmaken, kon ik vooraf niet bedenken.

Er werd over getwitterd door Warempel en door Trendmatcher. Beiden vermeldden het verschijnen van het boekje op hun blog. Er verscheen een bericht op http://ictnieuws.nl. De tweets van Warempel en Trendmatcher werden vele malen geretweet. Het bezoek aan mijn blog groeide.

Er kwamen reacties:

  • “…heb je document gedeeld met de 17 ICT-Coördinatoren die dit jaar een opleiding volgen. Lekker helder op een rijtje gezet!…”
  • “…Iedere maand schrijf ik wel over één van al die prachtige tools, maar nu kan ik ze een mooi overzicht aanbieden. En lekker praktisch….”

En natuurlijk waren er talloze reacties op Twitter.

Tja, dat schept verplichtingen. Dus ben ik na gaan denken over een vervolg op dit boekje. Ik heb me voorgenomen om elke tool uit te werken in vier onderdelen:

  1. een “How to” voor leerkrachten;
  2. een “How to” voor kinderen;
  3. een “Hoe gebruik ik deze tool in mijn klas?”
  4. een lijst met links, literatuur etc.

Al met al wel een project waar ik weer even zoet mee zal zijn. Ik reken voor het gemak maar [een document per week] maal [18 tools] = 72 weken. Anderhalf jaar.  Natuurlijk zal ik weer delen via dit blog, maar ook op andere wijzen. Wellicht zorg ik er voor dat je je op dit project kunt abonneren. Ik communiceer dat dan via dit blog en Twitter.

Daarna wil ik aandacht besteden aan andere, niet door Michael Zimmer genoemde tools. Ook dat wordt een mooi boekje. Mocht je een verzoeknummer hebben, laat het me weten. Er is al gevraagd of ik aandacht wil besteden aan een mindmap-tool.

ICT-gereedschappen voor leerkrachten van de 21e eeuw

Al een poos geleden kwam het handboek “Tools for teachers of the 21st century” van Michael Zimmer aan me voorbij. Ik vond het interessant, maar legde het toch terzijde. Onlangs kwam het weer onder mijn aandacht, vast naar aanleiding van een tweet van een van de mensen die ik volg.

Omdat ik veel van de in het handboek genoemde tools ook kende en weet dat ze door enthousiaste collegae, die actief bezig zijn met “onderwijs en ICT”, worden gebruikt, leek het me nuttig een poging te wagen het boek te vertalen. Er zijn ook veel collegae die deze ICT-gereedschappen niet kennen.

Michael Zimmer, de schrijver van dit handboek, woont en werkt in de USA. Bijna alle gebruikte ICT-gereedschappen zijn dan ook afkomstig uit Amerika. Ze zijn vrijwel zonder uitzondering ook in een Nederlandstalige omgeving in te zetten. Als leerkracht zul je er wellicht wat extra moeite voor moeten doen; dat geldt zeker ook voor jonge leerlingen. Alle gereedschappen zijn echter zonder meer Nederlandstalig te vullen met teksten.

Vrijwel alle genoemde video-gebruiksaanwijzingen zijn Engelstalig. Waar meer Nederlandstalige informatie voorhanden is, heb ik geprobeerd deze te noemen. Zeker waar Michael Zimmer verwijst naar Amerikaanse blogs, heb ik een aantal Nederlandse blogs genoemd.

Hoewel ik getwijfeld heb, ben ik in het vertalen en bewerken toch dicht bij de originele tekst gebleven.

Ik ben zo vrij geweest één ICT-gereedschap van Nederlandse bodem toe te voegen, namelijk Timerime.

Natuurlijk blijft het altijd van belang je vanuit je vakinhoud en didactiek af te vragen welke technologie je zou moeten toepassen. Dit staat bekend als TPACK: “Technological, Pedagogical and Content Knowledge”.

Verder zijn alle genoemde gereedschappen webbased. Je hebt dus een computer met internetverbinding nodig. Wanneer je eenmaal een account hebt gemaakt bij een van de diensten, kun je dat account en de producten die je er hebt gemaakt, overal openen. Alle gereedschappen zijn gratis, of kennen een gratis variant of een gratis “educational account”.

Ik ben veel dank verschuldigd aan

De Nederlandse vertaling van “Tools for the 21st Century Teacher” verschijnt na overleg met en toestemming van de Amerikaanse auteur, Michael Zimmer.

Michael Zimmers blog is: http://www.edutechintegration.com/ Je kunt hem volgen op Twitter: http://twitter.com/MZimmer557

NOT2011

Mijn eerste herinnering aan de NOT dateert van ruim veertig jaren geleden. Als jongetje van een jaar of tien ging ik mee met mijn vader, die op dat moment “hoofd der Openbare Lagere School” in Sleeuwijk was.  Het zal waarschijnliijk op zaterdag zijn geweest. Veel komt er niet meer bovenborrelen. Vier jaar geleden bezocht ik -ook op zaterdag-  de NOT samen met mijn vrouw, die niet in het onderwijs werkzaam is. Er waren veel digitale schoolborden en we keken allebei onze ogen uit. Twee jaar geleden kon ik in werktijd de NOT bezoeken; op dinsdag ben ik vrijgeroosterd voor ICT. Dinsdag is ook de eerste beursdag. Jammer is wel dat ik dan alleen ga; ons hele managementteam gaat op donderdag. Maar dan sta ik natuurlijk voor de groep van mijn bovenbouwcollega, die bouwcoördinator is en dus in het MT zit. Aan de andere kant: zo alleen over de beursvloer heeft ook zo zijn gemak. Je hoeft alleen rekening te houden met je eigen planning en maag.

De voorpret begon dit jaar pas op de vrijdag voor de NOT, toen ik met mijn directeur overlegde. Uiteraard was het goed dat ik ging. Dus direct een vooraanmelding gemaakt en de brief -per ongeluk- twee keer geprint. Deze moest ik meenemen, omdat de toegangsbadge mij niet op tijd zou bereiken en de QR-code dus vanaf de brief zou moeten worden gescand om ter plekke een badge te kunnen maken.

Pas maandagavond vond ik de tijd om mijn verdere voorbereidingen te doen. Ik twitterde in het rond dat ik op dinsdag de NOT zou bezoeken en dat ik een planning voor de “tien-minuten-gesprekken” zou maken. Exposanten die dachten meer tijd nodig te hebben, zouden dat moeten laten weten…. ;-) . Uiteindelijk had ik een planning voor ruim 40 stands. Dat zou tussen 9.30 uur en 17.00 uur zeker niet gaan lukken (tenzij ik echt tien minuten per stand zou aanhouden), dus maakte ik een prioritering. Deze zette ik op volgorde van locatie in de Jaarbeurshallen en op prioriteitenvolgorde. Wat ben ik blij dat mijn vrouw me de basisbeginselen van EXCEL heeft bijgebracht!

Dinsdagochtend wandel ik naar het station. Helaas kan de apparatuur mijn OV-chipknip niet lezen, zodat ik een kaartje moet kopen. Ik zal in Utrecht ook nog even moeten pinnen. In de trein ontdek ik dat de toegangsbrieven nog thuis op tafel liggen. Ik log met de iPhone en LogMeIn in op het schoolnetwerk en mail de brief naar mijn privé-mailaccount, die ik in de iPhone weer ophaal. Ik heb de QR-code nu op het display van mijn smartphone! Zou de Jaarbeurs ook al zover zijn?

Aangekomen in Utrecht vergeet ik te pinnen en loop naar de Jaarbeurs. Gelukkig kan men de QR-code van het telefoonscherm scannen en krijg ik mijn badge. Ik moet nog even wachten totdat de poorten open gaan, maar om 9.30 uur sta ik op de beursvloer.

Mijn eerste gang is naar HEUTINK ICT. Daar heeft men nog alle tijd voor mij. HEUTINK ICT is al jaren de leverancier van ons netwerk. Meestal naar volle tevredenheid, soms iets minder, maar we komen er altijd goed uit. Uiteraard gaat het gesprek over de offerte die wij hebben liggen om onze server te vervangen en tegelijkertijd over te stappen naar de klas.nu3.

 

Daarbij willen we eigenlijk ook het draadloze netwerk in onze school goed laten aanleggen. Nu hebben we, naast het bedrade netwerk met zo’n 80 werkstations,  een draadloos netwerk met vijf consumenten accesspoints, waarop zo’n 20 laptops redelijk probleemloos draaien. Maar we verwachten toch wel meer laptops, netbook en tablets, dus willen we het draadloze netwerk laten verbeteren. Al met al gaat dit alles drie tot vier keer zoveel kosten als alleen de vervanging van de server, dus zal er een projectplan moeten worden geschreven.

Uiteraard valt er meer te bekijken. Zo bekijk ik nog even het ouderportal dat in deklas.nu3 zal worden geïntegreerd. Een goede uitbreiding, lijkt mij. Communicatie bij ons op school gebeurt nog steeds vrijwel allemaal schriftelijk: briefjes raken  kwijt. Wel communiceren groepsleerkrachten en klassenouders via email met ouders. Een ouderportal zou de communicatie wel ten goede komen.

Verder kijk ik naar het HD-kleuterbord. Bij ons hangt in één onderbouwgroep als pilot een 27″ LCD-scherm. Er wordt vooral TV op gekeken. We willen geen grote digiborden in de onderbouwlokalen. Een klein maatje digibord is natuurlijk wel interactief. Denk aan letterlesjes. De prijs valt me niet tegen. Toch dit jaar maar eens heel goed bespreken en wellicht voor volgend jaar in de begroting opnemen. 

Mijn oog valt op Q-learn. Q-learn is webbased en geeft een afbeelding met een aantal tekstblokjes. Het is aan de kinderen om in deze tekstblokjes logische verbanden aan te brengen, simpelweg door ze met lijnen te verbinden. Dat kan op een touchtable, digibord of PC. Er zijn zo’n 60 modules, die aansluiten op de lesstof van de groepen 5 t/m 8. Mooi is dat je het pakket Q-Learn Designer standaard meegeleverd krijgt, zodat je zelf lessen kunt maken. Ik zie ook een aantal kinderen van onze school dat wel doen. Deze lessen kun je beschikbaar stellen aan de andere Q-Learn abonnees. Licenties zijn verkrijgbaar bij APS IT voor € 199,– excl. BTW per jaar. Het lijkt me het proberen zeker waard! Neem eens een kijkje op http://www.q-learn.nl/.

Ook bespreek ik de opmars van de tablets, maar afgezien van wat voorzichtige proefjes bij HEUTINK zelf, is daar nog niet veel over te zeggen. Toch verwacht ik dat het de toekomst zal worden.

Mijn volgende stop is bij SMART. Alle borden op onze school zijn van PROMETHEAN, maar via twitter heb ik contact met Linda Humme, die jarenlang één van de gezichten van SMART is geweest.  Het is tijd om haar “in real live” te ontmoeten. Linda werkt tijdens de NOT haar laatste dagen voor SMART en gaat daarna zelfstandig verder. Kijk eens op haar website www.lindahumme.nl.

Mijn volgende stand is TheActivBoardPeople, in Nederland de leverancier van PROMETHEAN, bekend van de ACTIV-digiborden. Ik heb een prettig gesprek met één van hun dealers. Ik kom wel wat meer te weten over afschrijvingstermijnen die men hanteert. Eigenlijk wil ik nog even in gesprek over de ACTIV ACADEMY, maar Mirjam van Roosmalen, die daar alles van weet, is even weg. Wanneer ik later bij de stand terug kom word ik direct door haar aangesproken. Ze legt me alles over ACTIV ACADEMY uit en ‘s avonds thuis stuur ik haar nog een mailtje. Ik wil eigenlijk het hele trainingstraject van drie dagen afleggen: van level 1 via level 2 naar gecertificeerd trainer. Ik denk dat ik daar nog veel aan zal kunnen hebben.

Website Station to Station

Via Station to Station, waar ik Rinus (twitteraar) hoop te ontmoeten. Helaas is hij niet op de stand aanwezig. Het zal me niet meer lukken.

Bij de stand van Qlict heb ik wel een ontmoeting met Jeroen Rougoor. Ook al een twitteraar! We kletsen even en we hebben het over www.8-12.info.

Site logo

Na op school afscheid te hebben genomen van leerwereld, waren we op zoek naar een goede zoekmachine voor kinderen. Met 8-12 hebben we die wel gevonden. We zijn geen Qlict klant, maar de zoekmachine is vrij te gebruiken. Het is op school nu de internetstartpagina voor alle midden- en bovenbouwgroepen. Kinderen van onze school gebruiken de zoekmachine zelfs thuis.  Jeroen wijst me op een andere interessante website, namelijk www.qlict.schoolbordportaal.nl. Bij nadere beschouwing is dit een afgeleide van www.schoolbordportaal.nl, maar dan in een Qlict-omgeving. 

Op de stand van Qlict spreek ik ook met Boudewijn Bood, meesterboudewijn. Grappig om op zo’n beurs mensen tegen te komen waarmee je bijna dagelijks twittert, informatie uitwisselt, elkaar helpt. Kijken of je ze herkent van de profielfoto, die soms echt maar een postzegeltje is.

Dan op naar de volgende twitteraar, Rob van Dijk van SCHOUDERCOM. Schoudercom is hét COMmunicatieplatform voor SCHool en OUDers. Ik krijg een demonstratie van Rob. Ik zie de voordelen zeker wel voor me. Weg met alle briefjes, alle intekenlijsten, het  intensieve mailverkeer. Een programma met veel plussen.

Ik begin zo’n beetje honger te krijgen en denk dat het ook tijd is om eens even contact te leggen met Brigitte, mijn critical friend tijdens onze opleiding iCOACH. Ik was haar een beetje uit het oog verloren, maar we vonden elkaar weer op twitter. Al lopende passeer ik de stand van Prima, waar een ander twittermaatje, Michel Boer, prominent aanwezig is. Michel is namelijk covermodel op de laatste editie en in het blad staat een mooi artikel over zijn kratten met ICT en Wetenschap & Techniek, indedeeld naar Meervoudige Intelligentie. Michel zelf is vandaag helaas niet op de NOT.

Ik probeer te twitteren, Brigitte te bellen, maar helaas. De verbindingen van T-Mobile in de Jaarbeurs zijn niet best. Uiteindelijk hebben we elkaar aan de telefoon.  Maar lunchen kan nog niet, want we “moeten” eerst op stap met Dieter. Dieter, die maar twitterde over guldens. Ook Dieter ontmoet ik voor de eerste keer IRL. Hij overhandigt de aanwezigen een echte, originele, ongebruikte, glimmende gulden. Wanneer je met Dieter een afspaak maakt voor een gesprek op school, wisselt hij de ouderwetse gulden in voor een eigentijdse en moderne euro, die ook nog eens meer waard is. Een geniaal plan met toegevoegde waarde!

 

Eerst neemt Dieter ons mee naar TeachersChannel. 

Teachers Channel is een initiatief van diverse specialistische partners die zich richten op onderwijsontwikkeling in het onderwijs. Sterke punten zijn de betrouwbaarheid, gemakkelijke toegang en continue beschikbaarheid van alle relevante informatie en actuele onderwijsontwikkelingen. De informatie in Teachers Channel is op basis van eigen interesses te filteren. Daarnaast kunnen schoolthema’s worden aangegeven en gemakkelijk binnen de school worden verspreid. De gebruiker maakt een schoolprofiel- of groepspagina aan en zet artikelen, video’s of online trainingen klaar voor collega’s. De leraar kan (bij)scholen, zowel vakinhoudelijk, als didactisch en pedagogisch. En het geleerde kan direct in de klas worden toegepast. Daarbij wordt de leraar ondersteund door ervaren coaches. Ook kunnen ervaringen worden uitgewisseld met collega’s uit het hele land.
Door een eenvoudige zoekstructuur zijn achtergrondartikelen, cursussen, conferenties en tools gemakkelijk te vinden. Alle informatie is zonder zoeken eenvoudig op 1 plek te vinden. Inclusief (betaalde) materialen voor persoonlijke- en schoolontwikkeling en kwaliteitszorg.

“De aanleiding,
zo schrijft Vives, is dat nadat de markt voor schoolbegeleiding in 2006 is vrijgegeven, [...] er geen gedwongen winkelnering meer [bestaat] voor de scholen/leerkrachten. Er ontstond een grote behoefte aan ‘evidence based’ informatie. Daarnaast werd de wet BIO (Beroepen In Ontwikkeling) van kracht, waarbij iedere leerkracht is verplicht te werken aan zijn/haar POP (Persoonlijk Ontwikkel Plan) en is verplicht een eigen dossier bij te houden. Reden genoeg om de handen ineen te slaan om de kloof tussen de kennisvragen en -behoeften van het onderwijs en de kennisproductie door uitgevers, adviesdiensten, onderzoekers en kennisinstituten te verkleinen.“Op Teachers Channel vind je onder meer:
Een video archief
Een onderwijsdatabank
Een tijdschriftenplein
Een database met dossiers en wetenschappelijk onderzoek,
Een database met cursusaanbod en trainingen
Teachers Channel is in eerste instantie voor onderwijsprofessionals uit het primair onderwijs. De ambities reiken echter verder. Ook het voortgezet, het middelbaar beroeps- en het hoger onderwijs staan op het wensenlijstje van Teachers Channel.
 
Kijk voor (nog) meer informatie eens op: http://www.teacherschannel.nl/?pageid=4. Ik verwacht er veel van!
Verder bezoeken we met Dieter Gynzy. Gynzy (www.gynzy.nl) maakt merkonafhankelijke digibordsoftware. Het ziet er goed uit. Simpel. Ik vraag me dan wel af of je collegae, die nog niet zo digibordvaardig zijn, deze simpelere bordsoftware moet aanbieden, of dat je moet blijven streven naar een beter kunnen werken met de algemeen op school gebruikte bordsoftware (bij ons ACTIV INSPIRE). Ik neig naar het laatste. Dat is één van de redenen dat ik gecertificeerd ACTIV trainer wil worden.
Ook bezoeken we het Creative Learning Lab (www.creativelearninglab.org). Ik kende ze wel, maar het is toch weer mooi wat ze doen. Wat ik niet wist, is dat je gewoon een lab binnen kunt lopen om aan de slag te gaan. Ik vrees dat de tijd mij er voor ontbreekt.
We lopen langs een stand waar een mooi meubel van Vanerum staat. Ze hebben een geweldig meubeltje, waar eventueel ook nog vier iPads in verwerkt kunnen worden. Zet maar neer, zou ik zeggen!
Dieter voert ons ook nog langs Het Centrum voor Mondiaal Onderwijs en langs HEUTINK-ICT.
Uiteindelijk belanden Brigitte, een collega van haar en ik toch op een terras voor de lunch. Het is al laat, dus het is redelijk rustig. Omdat ik vergeten ben geld uit de muur te trekken en er niet met pinpas kan worden betaald, moet ik wel vrij gehouden worden. Nogmaals bedankt!
Na de luch gaan we weer onze eigen weg. Ik ben al aardig gaar en de voeten willen niet echt meer. Ik had me voorgenomen om tot 17.00 uur te blijven.
Ik loop langs bij Michel Masselink van Digital Learning, partner van KOKS GESTO. Ook Michel is een twittermaatje. We klesten even en een van zijn collegae laat me LESKOMPAS zien.
Min of meer toevallig beland ik bij PILOT-PEN. Ik schrijf graag met de FRIXION. De inkt kan uitgegumd worden. Hoewel, dat blijkt nu niet helemaal waar. Bij het gummen met de achterzijde van de pen, wordt de inkt heet en verdwijnt. Wanneer je het papier in het vriesvak legt, wordt alles weer zichbaar. Eens vlassen op een leuke toepassing.
De Zuid-Vallei staat nog op mijn lijstje. We gebruiken op school de remediërende methode Spel-ling op de PC. Inmiddels is Spel-ling webbased. Er zijn al twee modules verschenen en de rest komt dit schooljaar nog. Toch maar eens bespreken op school. Webbased software heeft wel de toekomst. Kinderen kunnen dan ook thuis oefenen.
Tenslotte loop ik naar en over de stand van Bazalt. Deze uitgeverij heeft een fonds dat goed bij onze school past: coöperatief leren, Marzano (Wat werkt op school), Meervoudige Intelligentie. Ik neus even rond, maar merk dat ik het allemaal niet meer in me op neem.
Hoewel het net weer rustiger wordt op de beursvloer en het pas 16.15 uur is, besluit ik naar het station te sjokken. Thuisgekomen ligt mijn toegangsbadge op de deurmat.
Het was een enerverende, vermoeiende, maar ook zeker interessante en nuttige dag. Heel wat informatie opgedaan en veel twitteraars In Real Live ontmoet. Mensen waar ik de komende jaren nog veel informatie mee hoop te delen.

 

Over van PRIMARY naar INSPIRE

28-10-2010:

Sinds de eerste digitale schoolborden van PROMETHEAN onze school binnenkwamen, in april 2008, werken we met ACTIV PRIMARY3. Een enkele collega werkt zelfs met ACTIV STUDIO. Inmiddels hebben alle midden- en bovenbouwgroepen een PROMETHEAN ACTIVBOARD en hangt een door mij gewonnen bord in onze hal. Totaal zijn het er twaalf.


ACTIV PRIMARY3 voldoet goed. Inmiddels kunnen alle collegae min of meer met het programma overweg. En zolang je niet weet wat er allemaal nog meer is, mis je niets en heb je geen behoefte aan extra zaken.

Vorig jaar zag ACTIV INSPIRE het licht. Toen ik het de eerste keer zag, schrok ik behoorlijk: INSPIRE wordt ook wel de “Donald Duck”-versie genoemd. De kleuren spatten er van af. Ik vond het dan ook te veel van het goede.
Maar omdat in ICT altijd alles verandert en niets voor eeuwig is, ging ook ik langzaam wennen aan het idee dat we misschien wel zouden moeten overstappen. Ik ging op zoek naar wat voordelen voor ons:
• De ondersteuning van PRIMARY zal gaan stoppen;
• Binnen INSPIRE kan met twee pennen tegelijkertijd op het bord worden gewerkt. Geweldig voor onze Montessorischool, waar veel wordt samengewerkt;
• ACTIVOTE (de stemeitjes) gebruiken binnen INSPIRE is een stuk simpeler dan binnen PRIMARY.

Ik wilde de overstap eigenlijk direct na de zomervakantie maken, maar omdat ik van de servicedesk van onze netwerkbeheerder geen antwoord kreeg op de door mij gestelde vragen, stelde ik het project uit.
Het werd nu: herfstvakantie. Mijn vragen waren inmiddels –na wat herinneringen verstuurd te hebben- beantwoord. Vlak voor de herfstvakantie verspreidde ik een ICT-nieuwsbrief, zodat de collegae alvast wisten dat hen een verandering te wachten stond. Tevens adviseerde ik iedereen een account te maken bij PROMETHEANPLANET.COM. Dit vanwege de mogelijkheid om INSPIRE voor thuis te downloaden en vanwege de cursussen voor INSPIRE.

Vrijdag voor de herfstvakantie vroeg ik onze netwerkbeheerder om ACIVE INSPIRE op ons netwerk te installeren. Verder maakte ik op een externe harde schijf een back-up van alle gedeelde PRIMARY-bestanden, zoals de gedeelde flipcharts. Het installeren van software gebeurde op afstand, dus maandag kreeg ik de mededeling dat het programma was geïnstalleerd.
De vrijdag in de vakantie ging ik aan de slag. De map met gedeelde flipcharts werd uit PRIMARY door mij gekopieerd naar INSPIRE. Ik keek of alles werkte en jawel: prima! Daarna zette ik de snelkoppeling naar INSPIRE op het bureaublad van de leerkrachten. Ik logde in als leerkracht en toen ging het mis: ik kon vanuit INSPIRE niet naar de gedeelde flipcharts. Hoe kon dat nu? Na enig denkwerk kwam ik op het volgende: zowel het programma als de flipcharts staan op een locatie waar leerkrachten geen lees- en schrijfrechten hebben. Als “admin” heb ik die wel, maar toen ik als leerkracht inlogde had ik die niet. Het programma wordt opgestart met een snelkoppeling op het bureaublad, die verwijst naar de locatie waar men niet bij kan. Zo werkt alle netwerksoftware. Vanuit PRIMARY kon men dan bij de gedeelde flipcharts (op diezelfde locatie), maar met INSPIRE lukte dat niet. Wat nu? De servicedesk bood een oplossing: zet een snelkoppeling naar de map op het bureaublad. Dat werkt wel, maar nu moeten collegae die een gedeelde flipchart willen openen eerst omslachtig naar die map navigeren. Dat kan overigens niet door direct een locatie te kiezen (afgeschermd door onze netwerkbeheerder, want men komt dan op een netwerkschijf waar men geen rechten voor heeft), maar wel door steeds de map naar het bovenliggende niveau te kiezen! Het systeem blijkt dus maar half dichtgetimmerd: wat linksom niet kan, kan rechtsom weer wel!
Ik kon me voorstellen dat dit voor de minder ICT-vaardigen niet handig was, dus besloot ik de PRIMARY-snelkoppeling nog maar niet van het bureaublad te verwijderen. Ik maakte een nieuwsbrief dat INSPIRE er was en hoe men bij de gedeelde flipcharts kon komen, maar dat PRIMARY voorlopig (2 weken) nog beschikbaar was. Wel moedigde ik iedereen aan om –ook al wilde men onder lesuren met PRIMARY werken- vooral kennis te gaan maken met INSPIRE. Deze nieuwsbrief verspreidde ik en tevens plakte ik ‘m op elke bord-PC. Zo kon het niet mis gaan.
Maandag was de grote dag. Het aantal vragen bij de koffie om 8.15 uur viel me mee; het waren er niet veel. Ook aan het einde van de dag had ik nog niet veel gehoord.
Dinsdag ging ik aan de slag met de resourcebibliotheek. Ook daar verwachtte ik dat mijn collegae niet de rechten zouden hebben hier zomaar bij te kunnen. Toch werkte dat dan weer wel. Vreemd eigenlijk.
Donderdag zat ik bij de bovenbouwvergadering. Belangrijkste vraag was eigenlijk hoe met een flipchart uit “mijn flipcharts” moest openen. Die staan op de eigen gebruikersschijf in het netwerk in de map “mijn documenten”. Natuurlijk moeten die vanuit de map ActivPrimary3 worden geopend. Daar was nog niemand op gekomen! Eens kijken of we al die mappen kunnen herbenoemen. Ik had wat meer gebruikersvragen verwacht, maar die bleven uit. Gelukkig, want ik was zelf vooral met de technische kant bezig geweest.
Inmiddels heb ik de Trainingsboeken “Werken met ActiveInspire Primary” en “Werken met ActivInspire Studio”besteld en binnen gekregen. Daar ga ik zeker de komende dagen in spitten, want de vragen zullen toch wel komen en wellicht ga ik één of meer workshops verzorgen. Dan kan ik me uitleven op de gebruikerskant.
“Werken met ActivInspire Primary” en “Werken met ActivInspire Studio” zijn uitgegeven door Van Buurt Boek en zijn te bestellen bij Van Buurt Boek (http://www.vanbuurtboek.nl/) of De Rode Planeet (http://www.drp.nl/)
Natuurlijk ga ik bij onze netwerkbeheerder nog wel eens kijken of dat openen van gedeelde flipcharts niet eenvoudiger kan. En verder ga ik nu snel met ACTIVOTE aan de slag

ICT-coördinator: functie of taak?

02-05-2010:

De discussie zat er aan te komen. Het werd me de laatste tijd al wel eens gevraagd: ICT-coördinator, is dat nou een functie of een taak?
Waarom deze vraag? Omdat ons bestuur bezig is met het
functiebouwwerk. Omdat de functiemix er aan zit te komen. In het concept functiebouwhuis van ons bestuur is ICT-coördinator, net als RT-er en IB-er, een taak en geen functie!
 

Zijn ICT-coördinatoren de stroop op de pannenkoek?

Toen ik vorig jaar klaagde (ja, dat doe ik wel eens) over de werkdruk, bood een collega mij aan dat zij wel ICT-coördinator wilde worden. Ik vond dat geen goed plan; ik ben inmiddels tien jaar ICT-coördinator en ben in elk geval op het gebied van schroefjes, stekkertjes en kabeltjes meegegroeid met ons netwerk. Begonnen met zo’n 10 PC’s, allemaal tweedehandsjes, krijgertjes en zeer verschillend. Stand alones, natuurlijk. Wat een tijd ging er in zitten!
Bij de verhuizing, zes jaar geleden, werd er een netwerk aangelegd. We begonnen met 14 PC’s. Tien in de bovenbouw en vier administratief. Inmiddels zijn het er zo’n kleine 100. Daarbij kunnen we 12 digiborden optellen. Van die bijna 100 computers staan er 70 in lokalen en werkhoeken, duidelijk voor gebruik door kinderen. Van die 70 zijn er 21 notebooks, die functioneren in een draadloos netwerk. 12 PC’s horen bij digiborden. Van de overige kleine 18 PC’s is de helft voor administratief gebruik; de andere helft heeft een gemengde functie. De scheidslijnen zijn niet altijd helder. Verder hebben we vijf netwerkprinters, waarvan twee kleurenprinters, in ons netwerk. Tel daarbij nog een stand-alone printer, digitale microscopen en meer klein grut. We hebben de zorg voor een kamp-PC, een disco-PC en nog een stand alone. Verder lijkt de ICT-coördinator verantwoordelijk voor alles waar een stekker aan zit, variërend van telefooncentrale (maar dat is dan wel de “C” van ICT) tot tosti-ijzer (zou dat dan de “T” zijn? Informatie, Communicatie, Tosti-ijzers!).


Ik heb me wel eens laten vertellen dat in echte bedrijven (ik weiger onderwijs nog steeds als echt bedrijf te zien, hoewel er wel steevast pogingen toe worden ondernomen) per 200 PC’s een systeembeheerder/ICT-er rondloopt. Dat klopt aardig met de 20 uren per week die ik ben vrijgeroosterd. In die 20 uren ben ik ICT-coördinator, iCOACH en coördinator W&T (wetenschap en techniek).
Het beheer van het netwerk is uitbesteed aan een grote partij in onderwijs&ICT. Dat betekent echter niet dat ik van de schroefjes, stekkertjes en kabeltjes af ben. Een los kabeltje is via remote-control nog steeds niet vast te maken. Zo is er dus nog altijd meer dan voldoende tijd te besteden aan de hardware. Ik vind goed werkende hardware ook een eerste vereiste om collegae enthousiast te maken voor ICT. Haperende PC’s, vastlopende software: het begeestert collegae natuurlijk niet.
Omdat we –als een echt bedrijf- inmiddels ook afschrijven en goedkoop moeten inkopen, gaat er veel tijd op aan prijsvergelijking, hardware proberen en installeren.

Alleen al voor deze taken heb ik me de afgelopen 10 jaren veel eigen moeten maken. Ik was geen computernerd toen ik hier aan begon.

Inmiddels ben ik handig, weet m’n weg te vinden en weet ik ook op internet m’n bronnen te vinden om problemen te tackelen. Veel collegae vinden me een superman.

Niet even iets wat een collega na de zomervakantie “even” overneemt.

Maar goed: van de 20 uren, die ook nog deels aan W&T moeten worden besteed, gaat veel tijd op aan hard- en software. Er blijft weinig tijd over voor wat een belangrijke invulling van het werk van de ICT-coördinator/iCOACH zou moeten zijn: inhoudelijk werk. Daarbij valt te denken aan didactische ondersteuning, scholing van collegae, beleid maken, vernieuwing aanjagen, coaching, richting geven.
Ik hoop steeds dat ik daar in de volgende periode (na de vakantie, volgend schooljaar) meer tijd voor kan vrijmaken. Tot op heden lukt dat nog niet. Ik blijf echter hoopvol!
Om aan dit gedeelte van de invulling van het ICT-coördinatorschap te kunnen werken, heb ik een post HBO-opleiding iCOACH gedaan: projectplannen, veranderingen aanjagen, coaching. Verder lees ik veel –op internet en in de vakbladen- en probeer ik op die manier bij te blijven in ontwikkelingen, trends, visies. Ik twitter, ik blog ik communiceer met anderen, ik deel! Vanuit de hoopvolle gedachte dat ik er volgend jaar meer tijd aan zal kunnen besteden, zal ik me meer bezig houden met visieontwikkeling, beleid, inbedding, bewaking en coaching. Al met al ook niet iets wat je op een regenachtige namiddag aan een collega overdraagt.

Kortom:

  • omdat het ICT-coördinatorschap niet zomaar even over is te nemen, vanwege de in lange tijd opgebouwde knowhow
  • én omdat de ICT-coördinator (mede) visie ontwikkelt, beleid maakt en bewaakt, coacht en dus onderwijsinhoudelijk bezig is
  • én omdat de ICT-coördinator de expert op school is, waarvoor hij veel moet lezen & communiceren,

vind ik ICT-coördinator (of welke andere schone titel we ook kunnen verzinnen) een functie binnen de school.

Dat betekent ook dat er ooit goed gewerkt zal moeten worden aan overdracht. Dat wordt nog een heel traject! Ik hoop dat dit niet mijn toekomstbeeld wordt!


Zie ook: http://netwijs.blogspot.com/2010/04/ict-coordinator-is-geen-taak-maar-een.html

Netwerkstations vervangen

10-04-2010:
Dit jaar stonden er bij ons op school 15 netwerkstations op de rol om vervangen te worden.
Vorig jaar hadden we met de vier scholen onder ons bestuur gezamenlijk om offertes gevraagd. Uiteindelijk bestelde elke school wat zij zelf wilde. Ik vind zelf ook altijd dat prijs alleen niet zaligmakend is.
Dit jaar had ik ook voor de vier scholen offertes aangevraagd, maar hadden we met de drie ICT-coördinatoren vooraf al afgesproken dat iedereen de vrijheid heeft om te bestellen wat hij het beste voor zijn school vindt.
De offertes kwamen van onze netwerkbeheerder uit het oosten van het land en van een groot bedrijf uit Leiden.
Net toen deze offertes binnen waren kreeg ik bericht van de buitendienstman van onze netwerkbeheerder dat zij met PC+ zouden komen. Eén PC voor vier (of zes) netwerkplekken, met vier netwerkmonitoren erbij.

Op de BETT in Londen, in januari, ben dan ook wezen kijken op de stand van LG. Dat is dan ook de leverancier van de monitoren. Ook zijn we met de ICT-coördinatoren en mijn stagiair op bezoek geweest bij een school in Nieuw-Vennep, die PC+4 al had draaien.
Het leek het overwegen waard: minder energieverbruik, (iets) goedkoper in aanschaf, maar één stofaantrekkende ventilator per vier werkplekken.
Ik had echter ook al eens geëxperimenteerd met XXODD mini-PC’s van onze lokale computerwinkel.
Mijn stagiair en ik hebben de voor- en nadelen van PC+4 en de XXODD mini-PC’s dan ook maar eens op een rijtje gezet.
PC+4:
• + minder energieverbruik
• + (iets) goedkoper in aanschaf
• + slechts één stofaantrekkende ventilator
• + ruimtebesparing; slechts één systeemkast per vier
werkplekken
• – altijd een setje van vier bij elkaar; weinig flexibel
• – werkstation defect  vier werkplekken onbruikbaar
• – niet alle programma’s werken onder PC+4
• – USB-poorten van het werkstation worden gedeeld
XXODD mini-PC’s:
• + minder energieverbruik
• + goedkoper in aanschaf
• + ventilatorloos
• + ruimtebesparing; mini-PC’s hangen in een bracket achter het
LCD-scherm (sinds een maandje is er geen CRT-monitor meer
in school te vinden)
• + losse sets netwerkstation en monitor; flexibel
• + de PC’s hangen niet in een bracket onder tafel, maar achter de monitor; daar is absoluut minder stof dan onder de tafel.
Al met al deed dit ons besluiten te kiezen voor de XXODD mini-PC’s. We bestelden 15 x de 402 (zonder DVD-speler/brander).


Omdat het werkstation waar ik via LogMeIn altijd op kan inloggen een oude machine is, die veel kabaal maakte (wat in de teamkamer, waar ik mijn werkhoek heb, niet op prijs wordt gesteld), bestelde ik ook een 403 (met DVD-speler/brander).

Per abuis kregen we 16 402’s. We hadden nog één oud werkstation, omdat moderne machines niet overweg kunnen met het programma Klankie. De XXODD 402 kan dat wel, dus hebben we de extra mini-PC gehouden. Uiteraard hebben we de leverancier laten weten dat er nog één machine gefactureerd moest worden. Eerlijkheid duurt het langst…

Nu zijn er geen werkstations meer in school, die ouder zijn dan vier jaar. En toch zijn we goedkoper uit, zodat er ruimte ontstaat voor nieuwe dingen.
Wel hebben we van oude werkstations weer stand-alones gemaakt: één als kamp-PC, één als disco-PC voor klassenfeesten.
De mini-PC’s waren eenvoudig via Remote Installation Service te installeren. Dat leverde geen problemen op.
De XXODDs hangen inmiddels achter de schermen en doen het prima. Nog even overwogen we om de monitorvoeten vast te zetten met schroefduimen, om achterover kiepen te voorkomen. Een uitgebreide kieptest leverde op dat dit niet nodig was.

We liepen er nog wel even tegen aan dat Ambrasoft niet draaide, maar op elke machine moest eerst als admin worden ingelogd. Daarmee was ook dat probleem opgelost.
De volgende hardwarestap is het vervangen van de notebooks. De oudste zijn vier jaar en lopen op hun laatste benen. We zijn bezig met de MSI CR500. Het gaat niet vlekkeloos, maar het ziet er naar uit dat het goed gaat komen.

IPON 2010

13-03-2010:

Hoewel ik vorig jaar de tweede IPON nogal teleurstellend vond (tja, ik had op de eerste IPON een digibord gewonnen!) en ik me had voorgenomen om in 2010 deze beurs maar eens over te slaan, ging ik woensdag 10 maart toch naar Utrecht. In het workshopprogramma had ik toch wel weer leuke dingen gezien en ik wilde mijn ICT-stagiair (3e jaars MBO) ook kennis laten maken met een onderwijs-ICT-beurs. Daarna kwam ik ook nog op het spoor van de TeachMeet en dat zag er veelbelovend uit. Al voor openingstijd staan we voor de ingang, dus hebben we de tijd even een kop koffie te doen. Direct bij de opening eerst naar de stand van onze netwerkleverancier/-beheerder. Eerst spreken we over ACTIVOTE, dat we maar niet aan een bord geregistreerd krijgen. Geruststellend om te weten dat we het op gaan lossen. Verder is er niet veel nieuws onder de zon. Eén PC met vier of zes netwerkmonitoren kennen we al. We gaan binnenkort een aantal netwerkstations en CRT-monitoren vervangen en dit zou een optie kunnen zijn. Niet eerder gezien: een handig tablet voor bij digiborden: het IPboard tablet JL-TB3124RDV (What’s in a name?). Prijs nog niet bekend (maar op internet vanaf $ 400 gesignaleerd). Na deze babbel even oversteken naar het terras om de plenaire kick-off door Eugene Bos mee te maken. Daar loop ik zomaar tegen een studiegenote aan, met wie ik vorig jaar de opleiding iCOACH heb gedaan. Effe bijbeppen! De kick-off begint saai, maar dat blijkt ironisch bedoeld. ICT doe je ook met creativiteit, je hart, liefde. We doen wat oefeningen om de linker- en rechterhersenhelft samen te laten werken. Grappig om te merken dat een samenwerkingsopdracht met alleen de linkerhersenhelft goed gaat, met twee hersenhelften moeizaam, en vervolgens met alleen de rechterhersenhelft weer goed. Onze eerste workshop is “Leren over en met web 2.0 in het onderwijs” door Margreet van den Berg. Ik heb ooit van Margreet een workshop gevolgd over “gaming in het onderwijs”, waarbij ik kennis maakte met het programma “denk-stap-sprong” (http://denkstapsprong.geedesign.com/). Inmiddels kijk ik regelmatig op haar blog (http://ict-en-onderwijs.blogspot.com/) en weet ik dat zij bezig is met het opzetten van een fonds om goede ICT-ideeën te stimuleren. Nu houdt ze een presentatie over de cursus “23 OVC dingen” (http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/). Ik zie direct mogelijkheden om hiermee aan de slag te gaan. De cursussen bovenschools (vier scholen in ons bestuur) aanbieden, gegeven door één van de drie ICT-coördinatoren, facultatieve deelname. Ik ga dit snel met mijn collegae bespreken, zodat we na de zomervakantie van start kunnen gaan. Lekker praktisch en direct een idee: mijn IPON kan al niet meer stuk. We gaan de beursvloer op. Een zinvolle stop maken we bij Productief (http://www.productief.nl/athena/site/php/page_show_-4_1.html). We hebben op school veel materiaal van hen (Spektro, Ein-O, Khet), maar ik heb de link met ICT nog niet gelegd. Onder de naam “Plannex” (http://www.plannex.nl/) biedt Productief een digitale leeromgeving aan. Tijdens mijn scholenbezoek in Engeland, heb ik wel gezien dat dit in Engeland gemeengoed is. In Nederland ken ik de ELO’s wel uit het voortgezet onderwijs, maar niet in het PO. Ooit heb ik een ELO voor het PO gezien, maar dat was een uit het VO afkomstige verbouwde versie. Dat was te zien ook. In Plannex ga ik met zeker verdiepen. Misschien meedoen met de pilot. Krijg ik iedereen mee op school? Ik blijf ook even hangen op de stand van Creative Learning Lab (http://www.creativelearninglab.org/). In verschillende hoeken zijn kinderen onder begeleiding aan het werk. Leuk, de koppeling van vakgebieden zoals tekenen en techniek met ICT: zelf maken van dansmatten (sloop een toetsenbord en gebruik de aansluiting van de cursortoetsen), tekenen en gebruiken van chroma key, animatiefilmpjes maken. Op de stand van de TheACTIVBoardPeople (PROMETHEAN) (http://www.theactivboardpeople.nl/) kijken we even rond. Geen nieuws. Wel bespreken we ook hier ons ACTIVOTE-probleem en er wordt direct biedt men aan om op school te komen kijken. Fijn dat het kan; we proberen het eerst met ondersteuning van onze (netwerk-)leverancier. Lukt het niet, dan vallen we terug op The ACTIV Board People. De touchtables breken nog niet door. Er staat er één bij SMART en ik zie een verdwaalde Microsoft Surface. Wel de opmars van de LCD-schermen. We zien zelfs al een 65” met krijtrichel en whiteboard-oren. De prijzen zijn nog steeds hoger dan de prijs van een complete set digibord, beamer, hoogteverstelling, luidsprekers en PC. Het duurt dus nog wel even voordat ze echt de school binnenkomen. Het wordt tijd voor een koffie en een broodje, dus we gaan even zitten op een terras. Een saucijzenbroodje kunnen we natuurlijk niet weerstaan! We gaan naar de keynote van Samantha Peter van Google. Ze breekt uiteraard een lans voor alle Google-applicaties zoals Gmail, Google Talk, Google Docs en meer (www.google.com/a/edu). Google stelt al deze apps niet belangeloos, maar wel gratis, ter beschikking van het onderwijs. Ik heb altijd enige weerstand tegen Google: Big Brother is watching you. Ixquick (http://www.ixquick.nl/) is mijn standaard zoekmachine. (Ja, je hebt gelijk: mijn blog is ook op Googles Blogger!) Net vandaag zie ik een tweet over een youtubefilmpje over Google. Toch maar zo min mogelijk Google for me! Dan naar de workshop “Beeld, geluid en actie, digitale creativiteit”. In deze workshop vertelt een leerkracht hoe met Adobe-producten, te leveren door APS IT-diensten, fotoverhalen en films kunnen worden gemaakt. Tussen de items door mogen we jongleren: de ballen vliegen om m’n oren. Motto: “als je iets echt wilt leren, dan kan dat!”. Een matige presentatie, onnodig opgeleukt door een cursus jongleren. Door naar de volgende workshop: Paul Veringa (ABZHW / http://www.abzhw.nl/) en Nico Oud (Novomentor / http://www.novomentor.nl/) presenteren “Mobiel leren, meer dan een gadget”. Een PDA (HTC) met GPS wijst de kinderen de weg. Onderweg kunnen vragen worden gesteld. Vaak denk je dan dat die vragen dan erg op natuur of cultuur gericht zullen zijn, maar ook reken- of taalvragen (bijvoorbeeld woordenschat) zijn mogelijk. Jammer dat we met deze apparaten niet even naar buiten kunnen. Ook jammer is overigens de slechte akoestiek in de “theaters” waar de workshops plaatsvinden. Een soort aquarium met open dak, zodat alle geluiden van de beurs en naastliggende theaters er tot doordringen. Daarbij wat onhandig gedoe met matige headsets en ook nog slechte versterking van het geluid van filmpjes op de digiborden! Kortom: het kost moeite de workshops te volgen. Onze laatste workshop gaat over het project dat Kennisnet en APS binnenkort met een school in Eibergen gaan uitvoeren: hoe ziet de school er in de toekomst uit. (http://www.hetlerenvandetoekomst.nl/ ). Met name Jelle Berens, de directeur van de school, is erg enthousiast. Ik ga dit project zeker op internet volgen! De beursvloer loopt inmiddels aardig leeg, maar nu begint het after-programma: de TeachMeet. Een unconference na de beurs. (http://www.ipononline.nl/bezoekers/54-teachmeet / http://teachmeetnlipon2010.pbworks.com/). Een van de theaters loopt tussen 17.00 en 17.30 uur vol. Een stuk of vijftig mensen. Ik verwachtte een groot aantal jonge honden, maar er zijn veel meer mensen van mijn leeftijd. Het principe is eenvoudig: van tevoren hebben zich sprekers/spreeksters aangemeld voor een micro-opresentatie (7 minuten) of nano-presentatie (2 minuten). Er is voldoende drank aanwezig: fris, bier, wijn. Met dank aan de sponsoren! Een digitale fruitmachine kiest de spreker/spreekster. Die heeft dan een minuurtje om de spullen gereed te maken. Daarbij ontspint zich bijna steevast een strijd tussen Mac- en PC-gebruikers. Dan start de presentatie. En powerpoint is een doodzonde (behalve voor Willem Karssenberg – http://www.trendmatcher.nl/). Loopt de techniek vast: jammer dan! Gewoon doorgaan. Een halve minuut voor het einde van de presentatie houdt iemand uit het publiek een pluchen Pikachu in de lucht, die bij de timerstand 00:00 voor de voeten van de spreker wordt gegooid. De presentatie is dan ten einde. De presentaties waar ik het meest van meeneem zijn die van (wederom) Margreet van den Berg over haar fonds, Mats Englin over het betrekken van kinderen in de organisatie van ICT op school. Ook de presentatie van Willem Karssenberg schudt me even wakker: muizen als stemkastjes. We hebben dus een set ACTIVOTE op school, maar soms kunnen dingen simpeler! Om 20.00 uur moeten we het gebouw uit zijn, dus niet alle presentaties komen aan bod. Om kwart over acht ben ik weer thuis. Moe, maar zeker weer geënthousiasmeerd en vol ideeën. Volgend jaar zeker weer naar de IPON!

1 reacties:

Willem Karssenberg zei

Wat een mooi en uitgebreid verslag Leendert-Jan!
Volgens mij moet jij veel vaker gaan bloggen…
Wat vond je stagiaire er nu van?

TimeWarp3 (deel 2)

01-04-2010:

Vorige week dinsdag gingen we voor de eerste keer de gymzaal in met het programma TimeWarp3.
Nog even in het kort: TimeWarp3 is een programma waarmee kinderen hun eigen gymprestatie een paar seconden later terug kunnen zien. Behalve de software zijn een notebook, een videocamera met FireWire-aansluiting nodig. Uiteraard komen daar FireWire-kabels bij en een FireWire-kaart voor in het notebook bij. Wij hebben ook nog gekozen voor een Logitec Air Mouse, een numeriek toetsenbord, een videocameratasje, een laptoprugzak en een statief. Onze vakleerkracht gymnastiek verbouwde voor zijn drie gymzalen eenzelfde aantal computermeubeltjes.

De software is nog niet geschikt voor WINDOWS7 en USB-camera’s. Eind april wordt versie 4 verwacht, die in elk geval onder WIN7 zal draaien.

Terwijl de vakleerkracht de gymzaal opbouwt, zet ik de apparatuur in elkaar. Gelukkig komt mijn ICT-stagiair daarbij helpen. Hij had het schuifje van de insteekkaart verkeerd om in het notebook geschoven, dus kan het er alleen met bruut geweld (doch met beleid) uit halen.
De gymnastieker wil TimeWarp inzetten bij een radslag over een lage kast. Na wat richten en schuiven hebben we een prima plaatje.
De eerste kinderen komen al binnendruppelen. Het is een middenbouwgroep (3/4/5). Ze zijn heel verbaasd een computer in de gymzaal aan te treffen. Ze hebben al snel door dat er vertraging tussen het opnemen en afspelen zit. Snel even zwaaien, naar het notebook lopen en jezelf terug zien.
De vakleerkracht zet de kinderen op de bank en legt de bedoeling van het geheel uit. De groepjes worden ingedeeld en gaan aan de slag.
De kinderen die bij radslag beginnen, kunnen eerst hun voorkeurskant bepalen door over een aantal banken te springen. Daarna komen ze bij de kast.
Een sprong, doorlopen en kijken. De tijd staat ruim ingesteld, maar dat leidt ertoe dat de rij om te kijken erg lang wordt. Daarvan komt wat onrust, dus snel de tijd verkorten: zeven seconden blijkt ideaal. Goed opletten hoe de kinderen teruglopen naar de aanloop, want wanneer ze door het beeld lopen, belemmeren ze de opname van anderen. Vlug een balkje neerleggen en het gaat prima.
De vakleerkracht staat bij de kast en zegt al gelijk waar de kinderen op kunnen letten bij het bekijken van hun sprong. Maar ook wanneer hij er niet naast staat, omdat er bij een ander onderdeel geassisteerd moet worden, staan kinderen serieus te kijken. Al snel hoor in een meisje zeggen: “O, hoger”, waarmee ze bedoelt dat ze haar benen hoger moet opzwaaien. Hier doen we het voor!
Ne een kwartiertje slaat de screensaver aan. Handig om deze uit te zetten.
Het programma biedt ook de mogelijkheid om een goede radslag te bewaren en deze af te spelen naast het plaatje van de springende kinderen. Zo kunnen ze hun radslag vergelijken met een goede uitvoering. Ook kan er in het programma worden getekend. Zo kun je bijvoorbeeld een hoogtelijn aangeven. “Ik wil dat je voeten boven de lijn komen”.
Mijn stagiair en ik verlaten de gymzaal en laten de vakleerkracht achter met de ICT-apparatuur.
Een enkele keer gaat een van ons nog even terug naar de gymzaal, maar alles verloopt prima. Eén keer wordt ik geroepen door een kind, maar het probleempje is snel opgelost.

De vrijdag hierna werkt de vakleerkracht zelfstandig met de spullen. Het gaat vlekkeloos.
De volgende dinsdag loop ik met mijn camera nog even de gymzaal in om plaatjes te maken. Mijn assistentie bij de apparatuur en software is niet meer nodig.

We hebben afgesproken om het verkennen van de mogelijkheden van het programma in kleine stapjes te doen. Dus over een paar weken pikken we een nieuw item op.
Verder wordt er nog een plaatje perspex met twee aluminiumprofieltjes op maat gemaakt, zodat het notebook nog wat veiliger staat.
Tenslotte lijkt het mij raadzaam om de accu’s uit notebook en videocamera te verwijderen. In de gymzaal wordt op netspanning gewerkt, en wanneer de accu’s continu op netspanning staan, zullen ze snel achteruitgaan. Af en toe een keertje laden en legen lijkt me beter.

Subscribe to RSS Feed Follow me on Twitter!